NIEUWS     VERKEER      CULTUUR      WEER     SPORT     CONTACT         

dinsdag 30 september 2008

WEBLOGSTATISTIEKEN



Als je een weblog bijhoudt ben je sowieso nieuwsgierig of er wel een kat leest wat je schrijft. Je kunt verschillende programmaatjes (Motigowebstats, Onestat, etc…) downloaden die de statistieken van je blog weergeven. Hoe betrouwbaar deze sites zijn is een andere vraag. Vooral als je een aantal dagen weinig bezoekers hebt begin je te twijfelen aan de betrouwbaarheid.

Vorige zondag en maandag deed zich een opmerkelijk fenomeen voor. Ik had plots dubbel zoveel bezoekers. Je bent blij, uiteraard, maar je vraagt je toch af van waar die plotse grotere belangstelling. Is het toeval of heb ik met een bepaald stukje een gevoelige snaar geraakt?

Zondag was de kop van mijn bijdrage: 'CD&V EN HUMOR', waarbij ik mij erger aan de luchtige toon waarmee een aantal CD&V'ers reageren op het derde huwelijk van Wilfried Martens met Miet Smet.

Zou het kunnen dat de titel van een bijdrage bepaalt hoe groot de interesse zal zijn. Waarom denk ik dat? Omdat, vrijwel onmiddellijk, na het publiceren van een stukje op mijn blog er een hit (een verwijzing) verschijnt op Google. Stel dat het waar is, dan zou de verleiding groot kunnen zijn om de titel wat vrijer te interpreteren. Titels die mij nu spontaan te binnen schieten: CD&V WIL AF VAN SEXY IMAGO, WENDY VERZOEND MET DAG ALLEMAAL, PAUL D'HOORE DAKLOOS NA BEURSCRASH, VERONIQUE DE COCK VERLIEFD OP TOM BOONEN.


Neen, ik ga nog een tijdje aanmodderen en mijn ding doen. Ik probeer mezelf wijs te maken dat ik het toch hoofdzakelijk doe om mij te amuseren!

Nog volgens de statistieken zijn dagelijks tweederden van de bezoekers nieuw. Met andere woorden mensen die voor de eerste keer mijn blog bezoeken. Het aantal trouwe bezoekers per dag blijft gelijk. Ergens klopt dit niet.

Is het niet raar dat op het moment dat de financiële wereld op zijn kop staat, ik mij zorgen maak over het aantal bezoekers op mijn blog?

maandag 29 september 2008

GEBOORTE - EDDY VAN VLIET



Zo er iets mis mocht lopen
- maar dit zal wel niet -
krijgt u het voorschot op de wieg terug

de drukkosten van
'wij melden met vreugde'
blijven echter verschuldigd-

toen zij hijgde
met een tong witter
dan mijn gelegenheidsjas
en haar ogen rolden
waar een orgasme ze nooit gekregen had

stond het aantal chromosomen onherroepelijk vast-

van de geboorte
neemt het gehoor van het kind af

de kamer staat vol bloemen
de eerste zes weken is het kindje blind.


Uit: 'Van bittere tranen, kollebloemen e.a. blozende droefheden', 1971

zondag 28 september 2008

CD&V EN HUMOR

Huwelijk Martens-Smet is "nieuw en beter kartel"

Oud-premier Dehaene liet zich van zijn gevatte kant zien door het huwelijk "een nieuw en beter kartel" te noemen. (De Morgen)

Toen ik gisteren op het nieuws hoorde dat Wilfried Martens en Miet Smet getrouwd waren verscheen er een geamuseerde glimlach op mijn gelaat. Ik dacht, 1 april is nog veraf maar toch leek het mij een grap. Een stunt om extra aandacht te vestigen op het CD&V-congres. Die relatie was toch passé en dateerde van voor het spraakmakende huwelijk in 1998 van Wilfried met de veel jongere Ilse Schouteden. Trouwens, met dit huwelijk ontdeed de Minister van Staat zich definitief van het aureool 'pater'.

Het gemak waarmee heden ten dage de CD&V-mandatarissen omgaan met het feit dat iemand van binnen hun partij voor de derde keer huwt is opvallend. Het hele gebeuren baadde in een luchtige sfeer. Die dekselse Wilfried heeft het hem nog een keer gelapt. Stefaan De Clerck noemde het '40 jaar te laat' en anderen maakten dan weer grapjes in de trant van 'oude liefde roest niet'.

Wilfried Martens zelf drukte het zo uit: 'Een bevestiging van een jarenlange samenwerking bekroond door dit huwelijk.' Ik werk ook al jaren goed samen met een collega. 't Is nu maar te hopen (ja, voor wie?) dat het niet eindigt in een trouwpartij.

Op het CD&V-congres was het huwelijksnieuws vooral een dankbaar luchtig onderwerp. Congresvoorzitter Wouter Beke startte het congres met de mededeling dat er twee leden verontschuldigd waren, de "jonggehuwden" Martens en Smet, waarop er applaus en hilariteit uitbrak. Het congres en de partij zal hen gelukwensen overmaken. (De Morgen)

Waar is de tijd dat, onder druk van de katholieke zuil ,mensen die het waagden te scheiden hun job verloren (vooral in het katholiek onderwijs) en als 'zondaars' werden gebrandmerkt. Je zou kunnen zeggen dat er bij de 'tsjeven' of de 'caloten' veel ten goede is veranderd. Mij geeft het echter een wrang gevoel. Ik denk aan het onnoemelijke leed veroorzaakt door die hypocriete klootzakken die het toen voor het zeggen hadden.

Vrijdagavond was ik te gast op een concert voor het goede doel, georganiseerd door de Lionsclub (We Serve) van Damme. Het had plaats in de Sint-Donatiuskerk van Moerkerke. De hoofdact was een optreden van The Exclusive Strings: vier hippe jonge meiden, klassiek geschoold, gekleed door modekoning Nicky Vankets en spelend op elektrische violen, speciaal voor hen ontworpen door de firma Yamaha. Meer dan honderd optredens in binnen- en buitenland in het afgelopen jaar. Tijdens hun halfuurdurend optreden viel vooral hun 'erotische uitstraling' op. Voor het goede doel mochten ze, onder het goedkeurend oog van meneer pastoor, naar hartenlust met hun kont draaien.

vrijdag 26 september 2008

PORTRET VAN EEN JONGEMAN - J.M. COETZEE - ROMAN

Hij wil een groot dichter worden met een wild liefdesleven - maar daarvoor moet hij eerst weg uit Zuid-Afrika. Eenmaal in Londen moet hij voor elke verovering van een vrouw alle moed bij elkaar schrapen. Maar bij alles wat hij doet, duikt de vraag op: wat kan hij eigenlijk? En wat wil hij?

Hij moet weg van dat eindeloze platteland, weg uit dat betoverend mooie landschap, weg uit Zuid-Afrika. Daar kan hij nooit een dichter zijn, en al helemaal geen groot dichter als T.S. Eliot. Want dat wil hij worden, een groot dichter met een wild liefdesleven, hij wil gedichten schrijven waarvan de schoonheid met stomheid slaat, gedichten die iets uitdrukken wat hij in de Zuid-Afrikaanse bewegingloosheid niet kan uitdrukken - maar wat eigenlijk? Hij moet weg, naar Londen, daar wordt verfijnder gesproken, daar zal hij zijn weg vinden naar de vrouwen en de grote poëzie.

Het Londen van de vroege jaren zestig, waar hij naartoe gaat, is nog geen Swinging London, maar een onoverzichtelijke en vijandige mierenhoop. Hij schopt het daar ten slotte tot programmeur. Maar zo leidt hij niet het grootse en meeslepende leven van een dichter. Hij heeft niet eens een vriend. Hij heeft een muze nodig! Hij raapt al zijn moed bijeen en leert vrouwen kennen die hem na een paar moeizame nachten eigenlijk alleen maar van de poëzie afhouden, vooral van liefdesgedichten!

Het is een vaak onbarmhartig (zelf)portret dat J.M. Coetzee schetst van een jongeman die zich in het leven amper overeind weet te houden.

Nog niet zolang geleden heb ik beweerd dat ik nergens spijt van heb. Ik moet nu bekennen dat ik spijt heb dat ik zo laat ben beginnen lezen. Ik denk dat, als ik vroeger J.M. Coetzee had gelezen, ik minder lang naïef zou zijn gebleven en vlugger zou gesnapt hebben hoe het leven in elkaar zit.


Het contrast tussen de hoge verwachtingen van het hoofdpersonage en het werkelijke leven dat hij leidt is schrijnend. Ik zie mezelf terug in mijn jonge jaren toen ik ook nog hoge verwachtingen koesterde. Niet dat ik dichter wilde worden, verre van. Het was eerder de overtuiging van 'Wie goed doet, goed ontmoet'. Het klinkt nu heel onnozel, ik weet het.

Terug naar het heden: je bent nooit te oud om te leren. Ik wil alles lezen van Coetzee, Coelho, Murakami, etc...

donderdag 25 september 2008

EENSLUIDEND AFSCHRIFT - JEAN-PAUL MULDERS



Overstelpt word ik tegenwoordig met administratieve verplichtingen. Je moet het maar in je hoofd halen natuurlijk : tegelijk een appartement kopen en verhuizen en gaan lesgeven aan een hogeschool. Daar zijn papieren en documenten voor nodig, stempels en paperassen, formulieren en vakken die ingevuld dienen te worden door bevoegde ambtenaren. Laat ik daar een broertje dood aan hebben. Ze vechten met mijn romantische en enigszins papiermoeë inborst.

Maar er valt niet aan te ontsnappen. Het ene moment sta ik in een tochtige doorgang meterstanden op formulieren te krabbelen, het andere ogenblik moet ik bij de stadsdiensten aan bewijzen zien te geraken van evidente feitelijkheden zoals mijn geboorte. Werkgevers van lang geleden moet ik lastigvallen om ze attesten te ontlokken van diensten die ik ooit voor ze gepresteerd heb. Van de huisarts heb ik dan weer een getuigschrift nodig waaruit blijkt dat mijn gezondheid geen bedreiging vormt voor die van mijn studenten.

Onderhand heb ik menig uur, om niet te zeggen een paar hele dagen, in overheidsgebouwen doorgebracht. Nummertjes trekkend, de confrontatie aangaand met procedureel ingestelde figuren die er maar op zitten te wachten dat je met iets niet in orde bent. Daar schijnen sommigen plezier aan te beleven. Het zijn dingen die hun leven glans verschaffen : een frons trekken en zeggen dat het gegeerde formulier om deze of gene reden niet kan worden verstrekt, of dat je er vijftig kilometer verder om moet gaan. Ik zwijg en onderga. Ik heb geleerd de bevelen van de afgod van de administratie blindelings op te volgen. Hij is een dove en nietsontziende kolos, die je met één welgemikte trap van zijn naar rijpe Chaumes riekende poten vermorzelt.

En toch gloort zelfs daar, tussen zoveel ambtelijke verstarring, iets dat van aard is mij te boeien. Gefascineerd zit ik bij ontvangst naar mijn geboorteattest te staren. "Ten jare negentienhonderd achtenzestig, de negenentwintigste april te negen uur vijfentwintig", staat daarin te lezen, "is voor de ambtenaar van de burgerlijke stand ten stadhuize verschenen : Joannes Franciscus Eduardus Mulders, oud vijfenvijftig jaar, kunstschilder, geboren te Zichem, wonende en verblijvende te Brussel - eerste district, Zavelputstraat 26, die ons vertoond heeft een kind van het mannelijk geslacht (...) van hem en van zijn echtgenote Anna Marie Simonne Vanlerberghe, oud vierentwintig jaar."

Dat 'vertoond heeft' vind ik grappig. Ik stel het mij voor als hield mijn vader mij vast bij één enkel, ondersteboven, voor de niet eens verbaasde ambtenaar van de burgerlijke stand, aan wie op soortgelijke wijze elke dag weer bloedjes van kinderen worden 'vertoond'. Waarschijnlijk is het administratieve grootspraak en moest mijn papa mij niet lijfelijk bijhebben onder zijn arm.

Hoe zou hij gekleed geweest zijn, die dag ? Naar wat voor liedje zou hij op de autoradio hebben geluisterd? Ik tast hieromtrent in het duister. Het document draagt zijn handtekening, de zwierige krabbel waarmee hij later ook mijn schoolrapporten zou tekenen en waarvoor ik nog altijd een zeker ontzag voel, als is het iets uit een grotemensenwereld waartoe ik nooit zal behoren.

In het document zijn ook de getuigen vermeld, die in die tijd naar het schijnt gewoon van straat werden geplukt. Andreas Vande Vyver, oud 44 jaar, textielbewerker, en Bernard Hooghe, oud 23 jaar, mecanicien. De eerste moet nu 84, de andere 63 jaar oud zijn. Zou het mogelijk zijn die mannen nog te traceren ? Zouden zij zich nog iets herinneren van die blauwe maandag in 1968, toen zij getuige zijn geweest van de geboorteaangifte van een hen onbekend kind ? Of is het enige restant dit eensluidend afschrift, afgeleverd op ongezegeld papier, namens de Ambtenaar van de Burgerlijke Stand, de gemachtigde beambte ? Op die manier geformuleerd klinkt het als poëtisch geprevel. Een ambtelijke bezwering ten faveure van een liefdeskind, geboren uit een vader en een moeder die in leeftijd eenendertig jaar van elkaar verschilden. Tot wanhoop van de vader van mijn moeder, die er bij een toevallige ontmoeting mee dreigde mijn vader in de Leie te zullen smijten.

Gelukkig is dat niet gebeurd. Ik heb er mijn wonderbare bestaan aan te danken.

woensdag 24 september 2008

dinsdag 23 september 2008

EVA VERMANDEL - FOTOGRAFE



Hier kent bijna niemand haar. Maar in Groot-Brittannië levert ze foto's aan alle magazines met naam, en zelfs aan de National Portrait Gallery. Het verhaal van Eva Vermandel, de huisfotografe van Cat Power, Portishead en Sigur Rós. 'Ik vind weinig zo afstotelijk als beroemdheid.'

Twaalf jaar geleden ruilde Eva Vermandel (34) De Klinge bij Sint-Niklaas definitief voor Londen. Na haar studies Grafische Vormgeving stak ze onmiddellijk het Kanaal over, letterlijk met de eerste nachtboot na haar laatste examen. Veel meer dan een portfolio met foto's van vrienden had ze niet bij zich. Maar met veel minder dan een carrière als fotografe in Londen - 'de plek waar de beste bladen ter wereld worden gemaakt' - weigerde ze genoegen te nemen. En terecht.

Een paar jaar na haar oversteek had ze al gereputeerde muziekbladen als NME, The Wire, QMagazine en Mojo op haar cv staan. En tegenwoordig behoren ook de zeer eerbiedwaardige magazines van The Independent, The Observer en The Telegraph tot haar tevreden klanten.

Eva Vermandel publiceerde ook al in hippe glossies als Esquire, Vogue en W, en leverde de coverfoto van Tom Waits' interviewboek Innocent When You Dream. Cat Power, PJ Harvey en Beth Gibbons van Portishead noemen haar 'a great friend'. Ze maakte ook een kunstfotoboek in opdracht van Sigur Rós, voor de luxe-editie van hun jongste plaat Med sud í eyrum vid spilum endalaust. (Focus Knack)

Eva Vermandel was zondag te gast in De Zevende Dag. Ik ben na de uitzending een kijkje gaan nemen op haar sobere site. Bij de foto's van Tom Waits, Marianne Faithful en Jeremy Irons viel het mij op dat grote sterren er kunnen uitzien als gewone en kwetsbare mensen. Ik ben geen kenner maar ik vergelijk het met (klassieke) muziek, het raakt je of niet.

Ik moest onwillekeurig denken aan de veel te vroeg gestorven Franse acteur Patrick Dewaere. Met een zekere regelmaat komt hij mijn hoofd binnen waaien. Iemand met zoveel talent en een schitterende carrière die er op zijn vijfendertigste een einde aan maakt. Ik vermoed dat talent en succes niet genoeg zijn om je 'gelukkig' te voelen.

maandag 22 september 2008

MIJN BEURT - STEFAN HERTMANS



De kaas moet vers uit Parma komen;
De pepers rood uit Pomerigio
De mascarpone moet geel-romig zijn
En jij moet zingen bij de wijn.

Ik zal een jonge kwartel eten,
Gestufft met mortadella en Toscaanse weed.
Je bloes hangen we voor het venster
Tegen inkijk en insecten.

Het fruit zal branden in je mond,
En wat je zingt wordt stilaan honger,
Branie, geblaf van een jachtige hond.

Je buik met peperoni ingewreven
Lig je op tafel en je beeft.
Vorken en messen zijn verdeeld.

De koffie met kaneel gaat met
Onspreekbare syllaben door je keel.

Uit: 'Francesco's paradox', 1995.


vrijdag 19 september 2008

DAMON SCOTT & BUBBLES

Ik was op zoek op YouTube naar een act van een buikspreker met een soort struisvogel met een lange snavel. Ik herinner mij een hilarisch fragment van een gevecht tussen beiden, jaren geleden op de BBC. Als ik me niet vergis speelt de scène zich af in een kantoor achter een bureau. Spijtig genoeg heb ik het fragment nog niet gevonden.

Wat ik wel gevonden heb is de voorstelling van een zekere Damon Scott in een van de voorronden van 'Britains got talent' 2007. In vind het entertainment van de bovenste plank. Belangrijk om te weten is dat de jury geen enkel idee heeft van wat er gaat komen.




Op het einde van het filmpje kan je ook nog de act van Damon Scott tijdens de halve finale en finale bekijken. Iets minder verrassend maar nog heel leuk.

donderdag 18 september 2008

MAJA DE BIJ - JEAN-PAUL MULDERS



Dan is het tijd om je wonden te likken, iets wat ik altijd mooi gezegd heb gevonden. Het doet mij denken aan een dier met een grijzige pels, een natte neus en van die kussentjes op de poten. Vrij aaibaar kortom. Zo'n dier dat je uit zo'n bak op de foor zou kunnen grijpen maar dat door belagers is aangevallen en wegkruipt in een hol onder de grond, toegetakeld en gepijnigd.

Mijn meubelstukken staan keurig op hun plaats en zelfs de vogelpik is opgehangen. Bescherming van de muur daaromheen is niet nodig, zo behendig ben ik inmiddels in het mikken met pijltjes geworden. Uit de luidsprekers vloeit de geruststellende bariton van Leonard Cohen. Ik wou in het Minnewaterpark naar de grote bard gaan luisteren maar uitgerekend die week stierf mijn meter, zodat Cohens liedjes voor mij nu voorgoed zijn vervlochten met de dood van die vrouw die mij grootgebracht heeft.

In oktober komt Cohen terug, ik ben vastbesloten hem in Vorst Nationaal te ontmoeten - bij leven en welzijn, voeg ik daar tegenwoordig instinctief aan toe. Als Allah het wil. Het kan vlug gedaan zijn met ons, het is verbluffend hoe weinig wij dat beseffen, met onze organen van 73 gram die wij niet kunnen missen. Met onze klepjes en vliezen. Met het geluk dat wij dagelijks nodig hebben om de avond te halen. En dan toch maar ruzie maken en dwaze verlangens najagen en vechten voor een plek om je auto te parkeren.

Ik wil geen verdriet meer hebben, maar gedachten laten zich, helaas, niet temmen. Associaties met mijn dode grootmoe duiken op de gekste plekken op. Zelfs in de chique lingeriewinkel, waar ik bij wijze van afleiding & vertier mijn oog over fragiele niemendalletjes laat dwalen. Tot het aan een vleeskleurige bh blijft haken. Die zal wel terug hip zijn maar doet mij niettemin aan het korset van mijn oma denken, zo'n ding met baleinen dat ook vleeskleurig was, en waar zij zich met de grootste moeite in moest hijsen. Zij leek dan op Maja de bij. Als ik daaraan denk, snijdt er iets door mijn hart dat mij naar buiten doet vluchten. Later, in het cadeauwinkeltje Achter de maan, zie ik een kleurrijk kaartje met daarop het tekstje "bedankt voor alles". Ik zou dat naar mijn grootmoe willen sturen maar het zal nooit meer lukken, vermits zij vertrokken is met achterlating van alles. Daar sta ik dan, met kleine handen, en voel mij zeven jaar.

Maar de wonden worden gelikt en ik span mij in om plezier te maken - al is plezier een dom woord, vindt u niet ? Het doet mij denken aan gespetter in een blauw opblaasbaar zwembad in de zomer. Plezierig is niettemin het wandelen met mijn dochter, de mensen die we tegenkomen in het park en die allemaal breed naar haar lachen. Volwassenen die betrokken zijn in eenzelfde groot complot, namelijk voor peuters te willen verbergen dat de wereld niet rooskleurig is.

Plezierig is ook het fietsen langs het water, bij de verbrandingsoven, langs schaatspiste Kristallijn. Ik denk aan het Zijdezachte Meisje, wat zij nu aan het doen zou zijn. De dagen worden van lieverlede korter. Ergens is, zoals steeds, een gek met een slijpschijf in de weer. Ik lig alleen in het halfduister en staar naar de barst in het plafond, bezocht door onbeduidende herinneringen. Onder meer aan een konijn dat Bunny heette, lang voor ik wist dat bunny effectief konijn betekent.

Ik denk aan vliegende schotels en aan buitenaards bezoek, dat mijn vader al in 1976 verwachtte maar dat nog altijd niet om een lekker bakkie koffie is gekomen.

Ik denk aan het muziekinstrument dat in onze woonkamer hing en dat penette werd genoemd, en van een opgeëiste was.

Ik denk aan een meisje dat Nele heette, en voor wie ik voor het eerst in mijn leven verliefdheid heb gevoeld. Wat zou zij tegenwoordig uit-vreten ? Ik hoef dit niet te weten. Het kan slechts tegenvallen, vergeleken bij de puurheid die zij toen had.

Ik denk aan grijze dieren met kapotte vachten, die hun wonden likken en dan slapen, vastbesloten om sneller dan je mogelijk zou achten weer stevig op hun poten te staan en een citaat van Nietzsche te grommen. " Was mich nicht umbringt, macht mich stärker."

De grens tussen dagen en nachten wordt wazig. Een kraai in een boomtop krast sikkeneurig. Ik ruik de geur van de herfst, en voel al sneeuw onder mijn laarzen.

Reacties : jp.mulders@skynet.be