NIEUWS     VERKEER      CULTUUR      WEER     SPORT     CONTACT         

maandag 9 november 2009

ANTWERPS MEISJE - REMCO CAMPERT


Het was laat in de avond
regen in lamplicht gevangen
sloeg neer op het macadam
van de Mechelsesteenweg
je had een offwhite jurkje aan
ik schatte je op vijftien
je liep langs de straat
waar ook ik overging
auto's passeerden remden af
reden weer verder
je vroeg de weg naar de Muze
café waar Ferre optrad
Ferre Grignard de anger van jouw lied
zijn stem die op de radio geklonken had
en waarheen je nu op weg was
'volg de tramrails maar
dan vind je hem vanzelf'
en ik onnnozelaar liet je gaan

Antwerps meisje
dat ik in mijn hart draag
wat heb ik toch gedaan
met mijn leven


Uit: 'Nieuwe herinneringen', 2007.

donderdag 5 november 2009

MANNEN VAN WHISKY & MANNEN VAN COLA


Zo zitten we hier in het jaar onzes Heren tweeduizendnegen, het jaar bestaat nog maar Onze Heer is verdwenen, dat heb ik gisteravond ten overvloede vastgesteld toen ik een kerk binnenstapte waar drie mensen en een paardenkop zaten, en de priester las dapper voort uit de evangeliën ondanks het feit dat een uitzending van Blokken 200.000 keer meer kijkers trekt dan zijn gebeden, maar dat was zijn probleem en niet het mijne en ik verliet het kerkje als een spook, als een schim die langs de gevels gleed, ik glijd steeds liever voort in schimmigheid, een deel van mij behoort reeds tot het schimmenrijk te weten alle dagen die ik achter mij heb gelaten en die nooit meer terug zullen keren want tempus fugit irreparabile, dat weet ieder mens die nog een beetje serieus Latijn heeft gestudeerd, het zijn er steeds minder maar ik ben een van de overlevenden, tien woordjes per dag, negen uur per week op de leeftijd van twaalf jaren, ik heb ook geleerd hoe de tangens te berekenen en waarom Christus zo gespierd aan het kruis hangt op de schilderijen van Rubens en verder ook nog Kurt, es gibt Käse und Wurst maar een knoop aan je jas leren naaien, ho nee, dat niet, en ook niet hoe je chili con carne moet maken maar goed, dat kan ik nu toch, tot spijt van wie het benijdt, en terwijl de chili op het vuur staat te pruttelen, lees ik in Black Venus van Jef Geeraerts, dat boek epateert mij omdat het na die bijna vijftig jaren fris en krachtig is gebleven, ik ben een bewonderaar van de schrijver Jef Geeraerts omdat die zelf ook een sterk personage is en boeken met ballen heeft geschreven, alle met de hand, omdat Geeraerts iets van een roofdier heeft maar dan op de juiste manier, het goede roofdier zeg maar, er zijn roofdieren waarnaar je kunt opkijken en roofdieren waarop je moet spuwen en de schrijver Jef Geeraerts reken ik tot de eerste soort, al moet ik toegeven dat mijn sympathie voor hem gevoed wordt doordat hij gezegd heeft van mijn weemoed te houden, ik voelde mij verheugd omdat de grote Jef Geeraerts dat zei, zomaar uit zichzelf, terwijl er zoveel mensen zijn aan wie je weemoed moet verkopen als een voyageur in stofzuigers, door je voet tussen de deur te steken die zij slaapdronken hebben geopend, ze vegen weemoed op een hoopje met zwartgalligheid, terwijl het daar geen uitstaans mee heeft en ik ook blij kan zijn als een kind, zoals met de vrieskou vanochtend, zoals met het zonlicht dat zo helder op de blaadjes van de linde scheen, zoals met het feit zelfs dat mijn pen bijna leeg is en ik ze straks dus weer mag vullen, een activiteit waar een inktpot aan te pas komt en een zuigertje, een bezigheid die mij verheugt zonder dat ik kan uitleggen waarom maar mocht ik een zwartgallig mens zijn dan zou ik toch zeker geen plezier beleven aan het voltrekken van een pen met koningsblauwe inkt, of aan het verder lezen in dat boek Black Venus, wat ik zo meteen ga doen, ik zit nog maar aan de belevenissen van Marie-Jeanne, speels als een antiloopje en jong en mooi, o zo mooi en met een mond als een gretige zuignap en een clitoris als een bolletje kwik dat steeds aan de top van zijn middelvinger tracht te ontsnappen, als ik die verhalen over boys en negorijen lees dan denk ik aan mijn vader, die in die heidense, heilige periode ook dertien jaar in Congo heeft gezeten en god weet wat heeft uitgevreten zodat ik misschien wel een Afrikaans halfzusje heb zonder het te weten en misschien ook niet, je hebt mannen van whisky en mannen van cola en mijn vader was definitely een man van de cola dus wellicht valt het mee, hoewel de gedachte aan zo'n halfzusje mij niet tegenstaat maar mij juist fascineert, het zou interessant zijn daar eens naar op zoek te gaan, ooit, als de bonussen van de bankiers betaald zijn alsook de belasting op de toegevoegde taksen, als de hond is uitgelaten en het smeergeld uitgekeerd - en er verder geen dringender dingen mijn toch al op de proef gestelde aandacht vragen.

Reacties : jp.mulders@skynet.be


KIM & VANMOL





maandag 2 november 2009

HET LIGGEN AAN ELKAAR - STIJN VRANKEN



Het liggen aan elkaar
als wrakken aan versleten oevers.
De wind die ons niet meer raakt.
Het getij dat ons vergeet. De horizon
die ons niet alleen niet meer vindt,
maar zelfs niet meer zoekt.
Het dan maar lek slaan uit verveling.
De ratten in je romp. De honger.
Het wakker liggen. Roerloos
onder witte vlaggen.

Vooral dat.


zaterdag 31 oktober 2009

NEW YORK - PALOMA FAITH




Liefhebbers van soul en pop kunnen in navolging van een serie succesvolle zangeressen zoals Amy Winehouse, Duffy en Adele weer een nieuw talent verwelkomen: de half Britse en half Spaanse zangeres Paloma Faith.

Eind september bracht ze haar debuut Do You Want The Truth Or Something Beautiful uit. Een album dat zijn wortels heeft in de vroege jeugd van de 24-jarige artieste uit Londen.

Als kind was ze erg onzeker doordat ze moeite had met leren. “Ik kon pas heel laat lezen en ik was een ramp met cijfers, nog steeds trouwens.”

Creativiteit

Maar daar tegenover stond haar creativiteit. “Ik kon al jong goed tekenen en vanaf mijn zevende zat ik altijd in schooltoneelstukken. Ik ontdekte dat ik goed was in dingen onthouden, zoals mijn teksten, en dat mijn hersens erg visueel werken. Dat zie je terug in mijn teksten, die zijn heel beschrijvend.”

Haar artistieke interesses deden haar opleven en maakten van de zangeres in spe een multi-talent. Zo volgde ze een dansopleiding, behaalde ze een master in theater, zong ze in burlesque clubs en acteert ze in films en series. “Al die ervaringen hebben invloed gehad op de muziek die ik nu maak”, legt Paloma Faith uit.

Surrealisme

Een belangrijk terugkerend element, het surrealisme, ontdekte ze vanuit de andere kunstdisciplines. De albumtitel Do You Want The Truth Or Something Beautiful? verwijst naar deze thematiek. “Ik vertel graag mooie verhalen, of deze nou waar zijn of niet.”

De zangeres is blij dat ze een album kon maken en is blij met het resultaat. “Hopelijk leidt het tot iets langdurigs, want ik wil muzikaal nog veel ontdekken.” (Nu.nl)


vrijdag 30 oktober 2009

NACHTTREIN NAAR LISSABON - PASCAL MERCIER - ROMAN

Midden in een les verlaat de leraar Raimund Gregorius het klaslokaal. Opgeschrikt door het plotselinge besef dat de tijd hem door de vingers glipt, laat hij zijn geordende leven achter zich en vertrekt hij nog diezelfde nacht met de trein van Bern naar Lissabon. De aanleiding voor deze drastische stap is een boek dat hij bij toeval in handen heeft gekregen. Het is van Amadeu de Prado, een Portugese arts die zo indringend schrijft over de diepste ervaringen in het leven van de mens, dat Gregorius er niet meer van loskomt. In Lissabon gaat hij op zoek naar sporen van Prado en komt hij in contact met mensen wier leven vervlochten is geweest met dat van deze raadselachtige man. Stukje bij beetje vormt Gregorius zich een beeld van hem. Hij wil weten wat het is om Prado te zijn en hoopt zo te ontdekken hoe hij zijn eigen leven moet leiden en welke wending hij eraan kan geven om een ander mens te worden.

Herakles op de tweesprong! Ieder mens komt in zijn leven onherroepelijk voor lastige dilemma’s te staan. De dan gemaakte keuzes – het steile pad of de gebaande weg? – zijn principieel en definitief. Maar hoe graag zouden we niet willen teruggaan in de tijd, om te kijken waar de andere richting toe zou hebben geleid?

Alle grote vragen van het menselijk bestaan passeren de revue zonder vertoon van geleerdheid. In zijn contemplaties reflecteert de medicus (Prado) in ragfijne bewoordingen over de condition humaine, van de kenbaarheid van het innerlijk tot de verhouding jegens de medemens, van het verstrijken van de tijd tot de kracht der verbeelding, en van de zinvolheid van religie tot de trefzekerheid van taal.

De grote klasse van het fictieve Portugese – en daarmee van het oorspronkelijk Duitstalige – boek blijkt niet alleen uit Amadeu’s beschouwingen, maar ook uit daadwerkelijk gemaakte keuzes op twee beslissende momenten, of beter: uit zijn analyses van de complexiteit daarvan. Als arts redt Prado ten tijde van de dictatuur van Salazar het leven van Rui Luís Mendes, ‘de slager van Lissabon’, die op sterven na dood zijn praktijk was binnengedragen, maar verwijt zichzelf nadien dat hij zich door trouw te blijven aan de Eed van Hippokrates niet heeft gerealiseerd dat het leven van deze ene beul de dood van vele medeburgers betekent.

De titel Nachttrein naar Lissabon symboliseert niet alleen de reis terug in de tijd, maar verwijst ook naar een magistrale, visionaire allegorie van het ondermaanse leven in een sleutelpassage aan het eind van het (boek in het) boek. Ieder van ons reist in een afgesloten coupé met vieze ramen, haperende verlichting en defecte verwarming, in een trein van onbekende lengte en twijfelachtige makelij, zonder duidelijke bestemming of dienstregeling, maar met een geheimzinnige conducteur en een grillige machinist, soms razend snel, soms tergend langzaam, via anonieme tussenstations met uit het niets opdoemende perronopzichters door duistere tunnels, totdat het voertuig definitief tot stilstand komt. (Gert-Jan van Dijk – de Volkskrant)

Het was mijn zus die mij het boek aanraadde. Ik ben er enthousiast aan begonnen maar door de kleine druk en de vele filosofische beschouwingen werd mijn enthousiasme al vlug getemperd. Toch heb ik mij verder door het vierhonderd pagina’s tellende boek gezwoegd. Zelden heb ik zolang aan een boek gelezen maar de kwaliteit van de teksten van Prado zijn van zeer hoge kwaliteit. Die fragmenten zijn zo goed geschreven, en inhoudelijk zo sterk, dat ze op zich al voldoende reden vormen om het boek te lezen. Hieronder enkele voorbeelden:

Pagina 72. Als de dictatuur een feit is, is de revolutie een plicht.

Pagina 208. Het leven is niet het leven dat we leven; het is het leven dat we ons voorstellen te leven, luidde een aantekening in Prado’s boek

Pagina 250. Ik geloof dat een zaak onder woorden brengen betekent dat de kracht ervan wordt bewaard en de verschrikking ervan wordt weggenomen, schrijft Pessoa

Pagina 317. Kitsch is de meest verraderlijke van alle gevangenissen. De tralies zijn met het goud van simpele, onechte gevoelens bekleed zodat je ze voor de zuilen van een paleis houdt.

Pagina 383. ‘Dus is het woord het licht der mensen’, zei hij.’ En de dingen bestaan dus pas echt als ze met woorden worden uitgedrukt’.


donderdag 29 oktober 2009

GODSBEWIJS - JEAN-PAUL MULDERS


Vloerisolatie, staat er op een camion, maar de eerste letters zijn nauwelijks leesbaar zodat ik eerst oerisolatie las, en loerisolatie, woorden die mij al verplaatsten naar oorden vol fantasie.

We rijden op de autostrade, een sport die ik de laatste jaren te vaak beoefen. Het is een zondag die zich in niets van andere zondagen onderscheidt, behalve dat vandaag die pater heilig is verklaard. De romanticus in mij laat zich gewillig meevoeren op de vleugels van de verering. Hoe schoon toch, zo'n mens die niet voor zichzelf heeft geleefd. Zo'n mens, een van de weinigen, die inzag dat je maar beter iets voor anderen kunt betekenen dan een leven lang je schaapjes op het droge te trachten te krijgen en aan het einde van de rit toch dood te gaan. Van de huizenmelkers en pandjesbazen uit 1880 horen we niets meer, maar wel nog van die ene, die het lijden onverschrokken in de ogen zag, te weten die Jozef De Veuster aka pater Damiaan.

De sanctificatie begint echter groteske vormen aan te nemen. Ze is alomtegenwoordig en onontkoombaar, wat de rationele denker die zich ook in mij verschuilt sceptisch maakt. Het blijft een vreemde constructie, zo'n heilige die wordt aanroepen bij ziektes en rampen. Als God dan toch oneindig goed is en almachtig, waarom heeft hij dan bemiddeling van een sterveling nodig ? Waarom grijpt hij niet rechtstreeks in en bant aids en honger uit de wereld, alsook witte terreinwagens, overenthousiaste sportcommentatoren, betaald toiletbezoek en types als Sam Gooris ?

"Als God almachtig is, kan hij dan een steen maken die zo zwaar is dat hij die zelf niet kan optillen ?" vraag ik aan de jonge vrouw die naast mij in de auto zit.

"Natuurlijk", antwoordt zij.

"Maar als Hij die steen niet kan tillen, dan is Hij toch ook niet almachtig ?" werp ik tegen.

Het is niet eerlijk natuurlijk, dilemma's waarover godgeleerden zich al eeuwenlang de slimme koppen breken, uit hun context te lichten en haar in het gezicht te slingeren, alsof ik die zelf verzonnen heb.

"Ik denk niet op die manier over God", verweert ze zich dapper. "Ik denk niet aan hem als iemand die stenen probeert op te tillen. Ik zie hem meer als iets waarvan wij ons geen voorstelling kunnen maken, iets wat zich uitstrekt voorbij de grenzen van onze verbeelding."

Het is ook mijn innige wens, dat er iets is wat weerstaat aan de schreeuwende voorspelbaarheid van de materie. Iets wat sterker blijkt dan de dood. Soms geloof ik daarin, in van die zeldzame ogenblikken waarop alles in elkaar past alsof het deel uitmaakt van een magnifiek en tot in de puntjes uitgekiend plan. Vaker echter zijn er vuilniszakken die uitlopen, ziektes die beginnen met onschuldige symptomen, belasting op arbeid, gezeur over 'onze' pensioenen, platgereden egels en mensen die andere mensen kloten, soms om daar zelf beter van te worden en soms ook gewoon voor de fun. Dingen die je doen geloven dat het allemaal tamelijk nutteloos is of, in het spannendste geval, bedacht door een sadist met een IQ van 540.

Deze gedachten vertel ik niet aan de jonge vrouw naast mij. Zoals zij daar zit, met haar schijnbaar onschuldige ogen en die ene tache de beauté, lijkt zij zelf een levend godsbewijs.

We zijn inmiddels de stad binnengereden, ja zelfs de bebouwde kom - zoals dat genoemd wordt met een woord dat mij doet denken aan Tupperware. Ik stop voor een zebrapad en laat een grijzende zwarte man over. Hij draagt een maatpak en een bak Jupiler. Dat kom je niet zo vaak tegen, grijzende zwarte mannen in maatpak die op pad zijn met een bak Jupiler, en al zeker niet in een straat als deze, waar nog een telefooncel staat.

Het meisje legt haar hand op mijn dij. Er valt van dat gefilterd licht over de lanen, die gevuld zijn met herfstige bladeren. Visgroothandel Fish Express, staat op de achterklep van de vrachtwagen voor ons, en daaronder het adres : Kattegat-straat 306. Zij leest dat hardop, en lacht. Soms is het, voor een toevallige samenloop van omstandigheden, allemaal ontzettend knap bedacht.

Reacties : jp.mulders@skynet.be


woensdag 28 oktober 2009

dinsdag 27 oktober 2009

EXIT FACEBOOK


De kogel is door de kerk, ik heb mijn facebookaccount gedesactiveerd. Bijna onmiddellijk voelde ik een weldoende rust over me heen komen.

Een aantal maanden geleden was het nochtans veelbelovend begonnen. Mijn 'vriendenkring' breidde gestaag uit. Een aantal interessante, knappe, creatieve en zelfs bekende Vlamingen gingen in op mijn uitnodiging. Ik voelde me gevleid en een nieuwe wereld ging voor me open. Ik was vooral op zoek naar creatieve vrienden en dacht, naïef als ik ben, op die manier mijn eigen sluimerende creativiteit nieuw leven in te blazen. Het was precies of de barrière naar die creatievelingen wegviel, ik kon e-mailen en chatten naar hartenlust. Er waren zelfs interessante en knappe mensen die mij uitnodigden om hun vriend te zijn!

Toegegeven er waren een paar akkefietjes: in een discussie had ik een dt-fout gemaakt en kreeg prompt een terechtwijzing van een nogal dominante vriendin (lees bitch), die ik verder van haar noch pluimen kende. Ik had wel in een vorige discussie gemerkt dat ze kennelijk nog een rekening te vereffenen had met het mannelijk geslacht. Toen ik fijntjes opmerkte dat 'wie zonder zonde is, werpe de eerste steen' betekende dat het einde van ons 'facebookavontuur'.

De laatste tijd voelde ik facebook aan als een sluipend gif. Ik was iedere dag getikketakt (onweerstaanbare drang om iets te doen) om originele statussen en gevatte replieken uit mijn mouw te schudden. Het lukte gewoon niet. Ik werd er onrustig van en nog veel erger, mijn liefde voor boeken leed er onder.

Het ergerde mij ook wel dat veel mensen zichzelf als het middelpunt van het universum beschouwen. Die personencultus begon op mijn systeem te werken. Ook het bijna verafgoden van bekende Vlamingen en hen slaafs naar de mond praten maakte mij een beetje misselijk. Ik had de indruk dat die BV's daar zelf niet mee gediend waren.

Facebook is een grote luchtbel, weinig sociaal en des te meer illusie. Er zal ongetwijfeld een gevoel van gemis de kop opsteken, mensen die ik in het echt niet of nauwelijks ken en waarmee ik toch een zekere verwantschap voel, noem het gelijkgestemde zielen.

Niets houdt me tegen om die 'vrienden' een e-mail te sturen en hen te vragen met mij een pint te gaan drinken. Ik hou van gezelschap waarbij ik de mensen in de ogen kan kijken en waarbij de ironische toon in het gesprek niet verloren gaat.

Toch is het met enige spijt dat ik de knoop heb doorgehakt. Een petitie kan mij misschien op mijn besluit doen terugkomen!


maandag 26 oktober 2009

HET COMPLOT - RAMSEY NASR




Behoud de Begeerte organiseerde begin oktober een literaire manifestatie in de Bourlaschouwburg te Antwerpen rond literaire non-fictie getiteld 'Het ei van Darwin'. Dit filmfragment van Het complot van Nasr was het kerngedicht van de avond.